Ge#failiciteerd: Katrien Van den Bleeken en haar kraakversmarkten

Met vallen en opstaan, want elke tegenslag helpt je vooruit

Een wervend toekomstbeeld geeft je kracht om de dingen vast te pakken, te ondernemen, creatief te zijn en te innoveren. Maar wat als het even dik tegenzit? Hoe krabbel je recht en ga je weer door? Stadslab2050 wil even dieper inzoomen op die dikke #fail waar we als pioniers allemaal bang voor zijn. Succesvol innoveren komt immers nooit vanzelf. Een plek waar je mag creëren en experimenteren, helpt enorm. Dan komt Stadslab2050 in beeld als experimenteerruimte. In een innovatielabo mag het al eens ontploffen. Mislukken moet sociaal aanvaardbaar worden, vinden wij. Een duurzame stad maak je door samen complexloos te mogen falen. 

In onze verhalenreeks Ge#failiciteerd lees je hoe stadslaboranten hun persoonlijke vallen en opstaan ervaren. In dit artikel lees je het verhaal van Katrien Van den Bleeken en haar Kraakversmarkten. Verse, lokale producten zijn in. Maar hoe zet je als start-up een korte keten op zonder tussenpersonen? Het antwoord ligt voor de hand: organiseer een authentieke, stedelijke versmarkt. Die in een eigentijds, duurzaam én schaalbaar concept gieten, is het enige wat je te doen staat. Als iedereen meewerkt, toch.

“Wekelijks een versmarkt in elke stadsbuurt, dat is mijn doel.”

Kraakvers heet het versmarktproject van serial organiser Katrien Van den Bleecken,  Maarten Dieryck en zus Annelies van den Bleeken (Labeur Local). Sinds begin 2017 zet Katrien er gretig haar tanden in. “Mijn roots liggen in landbouwersfamilies uit de kempen, Kallo en Lillo. Mijn grootouders moesten voor de havenuitbreiding zelfs twee verhuizen. Zoiets blijft plakken. Tegelijk heb ik veel gereisd en nog veel meer markten gezien. Vooral die in de Pyreneeën maakten indruk. Niets artificieels, heel organisch, 100 procent focus op het product. En tegelijk… die sfeer: een bandje, de ontmoetingen, de gezonde levensstijl. Zo’n markt werkt verbindend en beantwoordt daarmee echt aan een basisbehoefte van moderne stadsmensen.”

Stadslaborant Katrien Van den Bleeken met haar zus in actie.

Stadslaborant Katrien in actie op een van de markten. Copyright: Rizon Parein.

Eerst was er Marta …

De laatste boerenmarkt is al een hele poos uit Antwerpen verdwenen, maar een stedelijke versmarkt scoort hoog op de wish list van veel buurtbewoners. Daar kon Katrien iets mee, vond ze. “In 2015 hebben we met twee vzw’s Marta opgericht, een groot evenement dat lokale producenten een platform bood. Door de korte keten zit je pal op de passie en de verhalen van de boer, op een hoge productkwaliteit en transparantie over de herkomst. Maar na drie Marta’s zagen we dat de kosten te hoog lagen en er teveel mensen bij betrokken waren. Met onze eigen vzw Labeur Local hebben we in mei 2017 dan Kraakvers opgezet. Maar hoe ga je van een groot gesubsidieerd vrijwilligersevenement naar een kleine zelfregulerende markt? Dat was even zoeken. Het businessmodel zou al doende vorm krijgen. Als pilootproject organiseerden we eind 2017 de eerste Kraakversmarkten op het Vinçotteplein in Borgerhout. In de Roma vlakbij hebben we een groot netwerk. Die eerste Kraakvers liep lekker.”

 

Zijn we commercieel of zijn we het niet?

“Ik verwachtte dat trein vertrokken was en we in 2018 per locatie zes markten konden opzetten. De wijk Sint-Andries was na onze eerste drie markten ook al vragende partij.” Maar dat was buiten de waard en het stedelijke vergunningenbeleid gerekend. “We bleken een ‘commercieel event’ te zijn. Dan mag je maximum vijf evenementen op jaarbasis aanvragen. Navraag bij het Evenementenloket leerde dat wanneer je 12 evenementen wil organiseren, je contact moet opnemen met de stadsdienst Markten en Foren: je bent dan een reguliere markt. Gek genoeg geldt daar dat je juist veel vaker dan 12 keer je markt moet organiseren. Dat werkte dus ook niet voor ons. StadsLab2050 adviseerde toen om van het openbaar domein af te gaan. Maar ik vind dat een markt publiek moet zijn. Op een plein. Helemaal terug naar af, helaas.”

 

We zijn in elk geval ‘een uitzondering’ 

Na politiek getouwtrek tussen het district Borgerhout – waar Katrien op heel wat steun mag rekenen – en het wat minder groene district Antwerpen, mochten er als compromis dan toch 12 versmarkten komen. Het Evenementenloket keurde de aanvraag goed. Toch was Kraakvers nog niet aan de nieuwe patatjes. “Begin februari meldde het Evenementenloket dat ik geen gratis marktkramersmateriaal mocht aanvragen – wat normaal wel mag – en ik als commercieel event ‘pleingeld’ moest betalen. Het businessmodel van Kraakvers is gebaseerd op één producer (ikzelf) en omvat communicatie en scenografie. Het standgeld moest naar omhoog. Ik hoopte maar dat ik iedereen aan boord zou houden. De Markt Van Morgen (die al 15 jaar bestaat in Antwerpen) bleek in hetzelfde schuitje te zitten: we richtten samen we een lokale marktencoalitie op om te lobbyen voor een uitzonderingsregel. Omdat we als lokale-economie-ondersteunend gezien worden, moesten we uiteindelijk geen pleingeld betalen en konden we plots wel gratis materiaal aanvragen. Ik leerde eruit dat je dus echt wel kan wegen op beleid rond openbaar domein. Lokale ondernemers hebben belang bij een evenement als Kraakvers, dus er is ook een economische logica.”

 

De buurt neemt het over

“Ook al hadden we dan onze uitzonderingsregels op zak, we moesten elke markt telkens afzonderlijk aanvragen bij het evenementenloket. Een centrale dossierbeheerder heb je daarbij niet. De hele optelsom zorgde ervoor dat ik wat 2018 betreft besloot om de handdoek in de ring te gooien.” Dat vonden zowel de mensen van het Borgerhoutse Wijkcomité September erg jammer. “De wijk besloot er dan maar zelf voor te gaan” glimlacht Katrien. “Ze bestudeerden mijn marktmodel en in juni ging dan toch de eerste Kraakversmarkt van het jaar door. Ook de stadslandbouwers en ondernemers van Pakt in Berchem overwegen nu een Kraakversmarkt. De hindernis van het maximum aantal events per jaar omzeilen we door Kraakvers gewoon door elke buurt aan te laten vragen.”

Stadslaborant Katrien Van den Bleeken in actie.

Stadslaborant Katrien in actie op een van haar evenementen. Copyright: Pauline D haese. 

Schaalbaar is haalbaar

Dankzij aanpassen en bijsturen werd Kraakvers gaandeweg een schaalbaar model. “Het is erg belangrijk dat je idee niet staat of valt met jouw persoon”, benadrukt Katrien. “Dankzij een werkpakket kunnen buurten zelf aan de slag met Kraakvers. Ze krijgen een communicatiepakket met manieren om influencers in te zetten. Slongs Dievanongs of de cafébaas op het plein, dat maakt niet uit. Er is een martkramerspakket en ook een werkpakket voor de productie: wat heb je nodig? En hoeveel? Met welke stadsdienst werk je? Het is een heus draaiboek over hoe je een Kraakversmarkt opzet. Belangrijk is dat je altijd het format respecteert. Kraakvers aanvragen doen de buurten nu zelf: in Sint-Andries was dat het wijkcomité Klimaat Robuust, in Borgerhout de mensen van September. Maar het kan ook een burger of de stad zijn.”

 

Enneuh… het verdienmodel?

“Ik reken een dagtarief aan voor consultancy bij de opstart van een markt”, zegt Katrien. “Per markt reken ik bovendien 10% van het standgeld aan. Daar betaal ik mijn overheadkosten mee: de infomomenten met de buurt, communicatie en research … Circulair Vlaanderen of de Burgerbegroting kunnen via de vzw nog een steuntje in de rug bieden. Voorlopig ben ik tevreden als ik break-even draai – inclusief een loon voor mezelf. Wij zijn een vzw: onze missie is veld en stad verbinden. Wat vooral telt, is een groot netwerk uitbouwen van gelijkgestemden. Dat gebeurt organisch. Met structuren of processen opzetten, zijn we van nature niet echt bezig. Maar dit thema lééft. Het is meer een beweging dan een model. Daarom geloof ik er zo hard in.”

 

Maatschappelijke winst

“Dat we een authentieke, compromisloze versmarkt opzetten en daar een verdienmodel voor creëren, vind ik heel wat. Alleen zijn de stadsreglementen duidelijk niet ingesteld op burgerinitiatieven. Ook de marktvakbonden liggen dwars. De Uber van de markten zij we helemaal niet, winst is niet ons hoofddoel. Wij willen de lokale economie ondersteunen, burgerparticipatie en sociale cohesie versterken. Toch vindt dat weinig weerklank bij het beleid. Dat ze de controle moeten opgeven, is daar volgens mij de grootste oorzaak van. Reglementering voor lokale markten is dus hard nodig. De toekomst? Als het aan mij ligt, een maandelijkse of wekelijkse versmarkt in elke buurt én  krijgt elke supermarkt een lokaal Kraakvershoekje waar de boeren een correcte prijs krijgen voor hun oogst. Ons idee ingebed in een efficiënt retailsysteem: dat is de next step.

 

De 10 leerpunten van Katrien Van den Bleeken

  • Gewoon starten, evalueren en gaandeweg bijsturen!

  • Creëer een lokale community en zet die in als proeftuin

  • Zet door in je gevechten met de administratie

  • Ga coalities aan om meer gewicht in de schaal te leggen

  • Probeer het beleid om te buigen in je voordeel

  • Maak je marktmodel schaalbaar en persoonsonafhankelijk

  • Zorg voor eenvormige, brede communicatie

  • Verzeker je van de steun van influencers: betrokken buurtpersonen

  • Reken in ‘break-even draaien’ je maandloon in

  • Groei organisch en je krijgt steun uit onverwachte hoek

Abonneer mij: 

Abonneer je op onze nieuwsbrief en volg Stadslab2050 op de voet