Wordt Antwerpen een delende stad?

Illustratie Delende stad: Stadsbeheer

Abonneer je op onze nieuwsbrief en volg Stadslab2050 op de voet
Abonneer mij

.

Stadslab2050 startte vorig jaar het project Delende Stad op, in samenwerking met drie Antwerpse partners. Het doel? De mogelijkheden aftasten om van Antwerpen een duurzame deeleconomie te maken. In drie slotartikels delen we de resultaten en inzichten van iedere partij. Dit derde en laatste artikel uit de reeks zoomt in op de inspanningen van stad Antwerpen zelf.

Welke rol speelt de stad in de deeleconomie? Dat was de vraag die Lise Belmans en Sigrid Van Lokeren maandenlang in de ban hield. Vanuit hun rol binnen de dienst Stadsbeheer bij stad Antwerpen, leerden ze het concept ‘deeleconomie’ door en door kennen, met alle uitdagingen en kansen die erbij horen.

 Lise: “Stad Antwerpen had al langer plannen om een groot logistiek centrum te realiseren. Wij vroegen ons af: hoe kunnen we binnen dat grote project meerwaarde creëren voor de buurt? We wilden onderzoeken of we bepaalde ruimtes en materialen beschikbaar konden maken voor stadsactoren, op momenten dat onze medewerkers ze zelf niet nodig hebben."

Stadsmateriaal delen, kan dat?

Initieel wilde Stadsbeheer eigen materiaal delen in een materialenbib. “We kwamen helaas tot de conclusie dat het materiaal dat we hadden niet interessant genoeg was. We vertrokken heel aanbod-gedreven en zeiden ‘kijk, dit hebben we om te delen’, maar eigenlijk was daar weinig interesse voor.” 

Daarbij kwamen er ook moeilijke vraagstukken naar boven. Want wat gebeurt er als er iets kapot gaat? Dan kunnen de stadsmedewerkers hun werkmateriaal niet gebruiken wanneer ze het nodig hebben. Of wat als er ongevallen gebeuren met het materiaal van de stad? De gespecialiseerde machines zijn vaak niet geschikt voor particulieren, omdat die niet altijd weten hoe ze er veilig mee om moeten gaan.

Dirk van Hou't Hart aan het werk in het houtatelier van de stad © Jonatahan Ramael

Vertrouwen bouwen in het houtatelier

Een materialenbib is er dus uiteindelijk niet gekomen, maar Stadsbeheer had nog een tweede concept te verkennen: het delen van ruimtes. “Na een open oproep zijn we een partnerschap aangegaan met houtbewerker Dirk van Hou’t Hart, voor het delen van het houtatelier van de stad”, legt Sigrid uit. Na de werkuren werd het atelier niet gebruikt, wat de ideale gelegenheid creëerde voor externe partij Hou’t Hart om er workshops te geven.

In een deelsysteem moet er veel aandacht zijn voor het opbouwen van vertrouwen. Lise: “Ze zeggen dat vertrouwen de munteenheid van de deeleconomie is. En dat is écht zo. Een deelsamenwerking staat of valt met wederzijds vertrouwen, en dat werd af en toe op de proef gesteld. Maar ook al liep het niet altijd van een leien dakje, we zagen wel stilaan het vertrouwen tussen de betrokken partijen groeien.”

Dankzij het experiment met het gedeelde houtatelier, leerde Stadsbeheer veel over de praktische kant van deelsystemen. “We weten nu hoe we moeten omgaan met zaken als verzekeringen, veiligheid, toegangsmogelijkheden (vb. sleutels) en hoe we afspraken kunnen maken rond beschadiging van materialen. Die kennis dragen we graag over naar toekomstige deelprojecten binnen de stad.”

Lise van Stadsbeheer tijdens de startmeeting van het project Delende stad. © Frederik Beyens

De rol van de stad in een deeleconomie

Het project is intussen twee jaar geleden gestart, maar echt experimenteren lukte pas in de laatste zes maanden. “De deeleconomie was een nieuwe uitdaging voor ons, waardoor niemand eigenlijk wist wat het speelveld was.” Dat was voor Lise en Sigrid een grote moeilijkheid en vertragende factor. Ze moesten het pad immers zelf nog aanleggen.

Die zware oefening leverde wel interessante inzichten op over de rol van de stad. “We zagen onszelf in de rol van organisator, maar uiteindelijk bleek dat we veel meer kunnen betekenen als facilitator. Wij houden ons dus niet zozeer bezig met de praktische en logistieke organisatie, maar we gaan op zoek naar externe partners die de deelprojecten in hun kernactiviteiten kunnen inpassen. Wij geven hen de juiste ondersteuning en begeleiding, en zo kom je tot een mooie co-creatie.”

Missie geslaagd?

Aan het einde van het project blikt Lise nog terug op een succesvolle samenwerking met Stadslab2050. “Stadslab2050 heeft veel voor ons betekend. Ze hebben een interessant netwerk, de juiste communicatiekanalen, en vooral veel expertise in co-creatie, wat voor ons niet eenvoudig bleek te zijn.” Wat de toekomst nog brengt voor de deeleconomie in stad Antwerpen? Dat zal de tijd moeten leren. Stadsbeheer heeft de deeleconomie in elk geval onder de aandacht gebracht van collega’s. Maar ook externe partners zoeken stilaan meer toenadering.

Als er één grote conclusie te trekken is uit dit experiment, dan is het dat deeleconomie rust op vertrouwen, en dat dat vertrouwen tijd nodig heeft om te groeien.

Logo Vlaanderen Circulair