Deelinitiatieven voor wie ze het meest nodig heeft: mensen in een maatschappelijk kwetsbare positie

Illustratie Delende stad: Samenlevingsopbouw

Abonneer je op onze nieuwsbrief en volg Stadslab2050 op de voet
Abonneer mij

.

Stadslab2050 startte vorig jaar het project Delende Stad op, in samenwerking met drie Antwerpse partners. Het doel? De mogelijkheden aftasten om van Antwerpen een duurzame deeleconomie te maken. In drie slotartikels delen we de resultaten en inzichten van iedere partij. Dit is het tweede artikel uit de reeks, met de experimenten van Samenlevingsopbouw in de hoofdrol.

Hoe kwetsbaarder je positie in de maatschappij, hoe meer baat je hebt bij ‘delen’? Deeleconomie bouwt immers solidaire netwerken, om individuele lasten te verlichten. En toch zien we dat net de meest kwetsbare bevolkingsgroep op dit moment nog weinig betrokken wordt bij deelinitiatieven. Daarom maakten Joke Verlaet en Hafida Dalaa van Samenlevingsopbouw er hun missie van om deelsystemen te introduceren bij wie ze het meest nodig heeft. In dit artikel las je al hoe ze een bakfiets ombouwden tot minibibliotheek, maar het ging nog verder.

Scholen als verbindingsplaats

“We merkten dat bestaande deelsystemen vooral gebruikt worden door hoogopgeleide, Belgische mensen”, zegt Joke. Nochtans zouden mensen in een maatschappelijk kwetsbare positie veel baat hebben bij delen. Dus tastte Samenlevingsopbouw de mogelijkheden af bij die specifieke groep. Het team trok naar enkele lagere scholen in de omgeving Kronenburg in Deurne, met drie experimenten: 
In het eerste experiment zetten ze een deelsysteem voor kinderboeken op, als tweede organiseerden ze een deelmarkt, en tot slot lieten ze mensen kennismaken met het digitale deelplatform Hoplr.  Volgens de opbouwwerkers zijn lagere scholen in kwetsbare buurten een ideale plaats om met mensen in een maatschappelijk kwetsbare positie te connecteren. 

Joke en Hafida, de dames die dit project hebben getrokken bij Samenlevingsopbouw.
Stilaan groeide het vertrouwen

Het eerste experiment kon meteen rekenen op de hulp van bibliotheken, organisaties en enkele ouders, die met plezier oude boeken schonken voor het mobiele mini-bibje aan de schoolpoort. Toch liep alles niet meteen van een leien dakje. “In het begin was het moeilijk om de leerkrachten te betrekken. We merkten dat de directie ze afschermde, omdat ze het erg druk hadden”, vertellen Joke en Hafida.

Maar de dames gaven niet op, en naarmate het schooljaar vorderde, zagen ze het vertrouwen groeien: “Intussen mogen we op de speelplaats staan, en hebben we een boekenkast in de school. We hebben het vertrouwen gekregen van de directie en de leerkrachten, die probeerden linken te vinden naar hun klassituatie. De leerkrachten van het 5de en 6de leerjaar stoppen regelmatig vroeger met de lessen, om de kinderen bij ons boeken te laten kiezen.” 

Van inspireren naar samenwerken

Die betrokkenheid van de scholen speelde ook een belangrijke rol in het tweede experiment: de deelmarkt (een gratis rommelmarkt in de schoolgebouwen). “We wilden het wel voorzichtig aanpakken, omdat leerkrachten al een overload aan werk hebben. Daarom lieten we hen eerst zien wat een deelmarkt kon betekenen voor de school, zonder dat we veel inspanning vroegen.” 

Wanneer de leerkrachten godsdienst en zedenleer zich daarna uit eigen beweging mee achter het project schaarden, kreeg het meteen meer tractie. Hetgeen Joke en Hafida intuïtief hadden aangevoeld werd daarbij bevestigd: “Als je de verschillende partijen eerst kan inspireren, en vervolgens de tijd neemt om een samenwerking te doen groeien, dan zie je dat de deelinitiatieven pas echt goed beginnen werken.”

Het belang van een vertrouwensplek

In het derde experiment lieten Joke en Hafida de buurt kennismaken met het digitale deelplatform Hoplr, waarbij mensen uit de buurt spullen kunnen aanbieden en uitlenen. Maar daar was helaas weinig interesse in. De mensen in een kwetsbare situatie waar ze mee spraken, hadden weinig vertrouwen in zo’n digitale tool. “We hebben het gevoel dat zoiets veel beter zou werken als er ook een fysieke plaats is waar mensen terechtkunnen met vragen”, zegt Hafida. Bij delen gaat het tenslotte niet enkel om het materiële, er is ook een belangrijk sociaal aspect. Een vertrouwensplek en vertrouwenspersoon blijken dus een must te zijn. 

Bouwen aan een groepsgevoel buiten de schooluren

Net omdat die sociale factor als doorslaggevend naar voren kwam, organiseerden Joke en Hafida ook heel wat deelinitiatieven buiten de schooluren, op andere plaatsen in de wijk. Zo ontstonden er verbindingen met andere organisaties en konden ze ouders en kinderen samen bereiken. Joke: “De scholen blijven een belangrijke vindplaats, maar daar konden we het groepsgevoel minder stimuleren. Tijdens de andere activiteiten buiten de schooluren konden mensen samen met hun kinderen de tijd nemen om elkaar te leren kennen, bijvoorbeeld via deelmaaltijden, repaircafés en buurtnaaiateliers.”

Op die manier werkte het team van Samenlevingsopbouw aan solidaire netwerken, iets wat veel betekent voor mensen in een maatschappelijk kwetsbare positie. Ze hebben misschien niet altijd spullen om te delen, maar hebben wel verborgen talenten of vaardigheden waarmee ze anderen kunnen helpen.

Samenlevingsopbouw deelt anderstalige kinderboeken met een minibibliotheek op een bakfiets. © Benoit Vermeeren

Een succesvol project

Ondanks enkele hindernissen, kijken Joke en Hafida tevreden terug op hun experimenten: 
“Voor ons was het zeker een succes! We hebben in de scholen veel mensen bereikt. Daarnaast hebben de deelnemers aan onze initiatieven er hun netwerk door uitgebreid, en delen ze nu zelf talenten met organisaties uit de buurt.”
Zit er toekomst in het delen?

Hoewel de experimenten met Stadslab2050 nu afgelopen zijn, is dit volgens Joke en Hafida nog maar een begin: “We hopen uiteraard dat andere actoren nu ook iets willen doen rond delen met mensen in een maatschappelijk kwetsbare positie.”

 
Joke geeft nog een belangrijke insider-tip mee aan organisaties met plannen in die richting: “Een goede manier om af te toetsen of iets kan werken bij deze kwetsbare groep, zijn ‘de 7 B’s’: Begrijpbaarheid, Bekendheid, Betaalbaarheid, Betrouwbaarheid, Bereikbaarheid, Bruikbaarheid en Beschikbaarheid. Als een initiatief aan die zeven voorwaarden voldoet, heeft het vrij veel kans op slagen.” 

 

Samenlevingsopbouw organiseert op 29 november een inspiratie-ochtend, om met verschillende mensen samen te brainstormen over de ‘inclusieve delende stad’. Het onderwerp ‘delen’ blijft dus zeker op de agenda staan, ook na de experimenten.
Heb jij ideeën om van Antwerpen een inclusieve delende stad te maken? Kom dan mee brainstormen tijdens de Inspiratie-ochtend:
INSPIRATIE-OCHTEND
29/11/2019 
9:00u - 13:30u
Deurne
Schrijf je in via deze link.

 

Logo Vlaanderen Circulair

Ook interessant: