Keynote Pieter Ballon spreekt over smart cities en urban labs

Pieter Ballon, directeur van Imec living labs, zag de zaal vol lopen voor zijn keynote over smart cities en urban labs. Hoe ziet de ideale stad eruit binnen tien jaar? Hoe slim zijn onze Vlaamse steden vandaag al? En welke rol kunnen stedelijke labo’s spelen om tot slim stadsbeleid te komen. Het zijn slechts enkele van de vele heersende vragen waarbij hij stilstond.

Een slimme stad, wat is dat nu? Dé vraag waar Pieter Ballon mee begon. “Heel de analyse vertrekt bij de aantrekkingskracht van een stad en de interactie op verschillende domeinen. Denk maar aan mobiliteit, veiligheid, duurzaamheid, economische leefbaarheid, enzovoort. Het zijn allemaal problemen waarmee onze steden kampen. Daar werken dan ook veel krachten op in. Je kunt ze niet in een vingerknip oplossen. Ze zijn wel allemaal op te volgen via informatie en data. Zo krijg je toch een greep op de problemen. Anders is een concrete aanpak nooit mogelijk.”

Data is de kern van smart cities

Zonder data, geen smart cities. Gelukkig is de technologie rijp om alle nodige informatie te verwerken. “Het begint bij het verzamelen van alle nodige data. Daarna moeten we die connecteren en analyseren, om vervolgens een beslissing te kunnen nemen. Je meet vervolgens het effect en stuurt bij indien nodig. En dat kunnen we nu allemaal in real time doen. We moeten alle Internet of Things (IoT) combineren met de fysieke ruimte rondom ons. Niet alleen voor de fun. Wel om een greep te krijgen op de problemen.”

“Slimme steden zijn een keuze. Er zijn voorbeelden van steden die deze keuze al maakten, zoals Rio de Janeiro met gecentraliseerde architectuur, Amsterdam met een apparaat dat pieken registreert van trillingen, geluid en de luchtkwaliteit. Je hebt Barcelona met hun traffic control, een grote groene golf. In Helsinki hebben ze een app rond ‘mobility as a service’, waarmee ze alle info over het openbaar vervoer combineren met elkaar. Hiermee willen ze zorgen dat niemand nog een auto moet hebben of kopen. Het zijn allemaal slimme stadssystemen, maar allemaal verschillend.”

Belangrijke keuzes nodig

De slimme stad komt eraan, weet Pieter Ballon. Maar eerst zijn er nog belangrijke keuzes te maken. “Zoals politieke keuzes. Wat zijn de doelstellingen voor de stad? En hoe kun je hiervoor technologie inzetten? Je kunt dit gewoon niet alleen beantwoorden. Daarvoor is een samenwerkingsproces nodig. Een slimme stad creëren gaat via systematische innovatie. Via het betrekken van verschillende actoren. Je moet ook de fysieke ruimte herontwerpen. Het is dus de combinatie van de fysieke en de virtuele wereld.”

“The key to innovation in web 3.0 will be organization.” William Lehr, MIT

“Een belangrijk aspect voor de interface is om deze zo dicht mogelijk bij de mensen te houden. Zij moeten de informatie toegestuurd krijgen. De fysieke diensten moeten naadloos aansluiten op wat zij nodig hebben. Neem nu bijvoorbeeld Parijs. De auto neemt een groot deel van die stad in. Neem je de auto weg, dan ontstaat er een grote fysieke ruimte die vrijkomt. Die moet je met de hele samenleving terug vormgeven. Je moet hen dus ondervragen en steunen in de uitwerking ervan. Dat vereist samenwerking. Ook tussen verschillende steden en gemeenten. Toch als we iets zinvols willen doen. Het is niet de bedoeling om 308 verschillende apps rond mobiliteit te maken. Alleen zijn wij in ons land in dat soort samenwerking niet zo goed.”

Hoe tot samenwerking komen?

“Via het concept van living labs en urban labs kun je tot samenwerking komen. Permanente living labs zijn er om burgers mee te krijgen, om te testen en grote experimenten op te zetten. Locale ecosystemen dienen om partners bij elkaar te krijgen, zoals start-ups, lokale overheden, burgers, … Je hebt open data nodig, maar ook open enablers. Zij zorgen voor een race om de infrastructuur in handen te krijgen. Maar die data moet wel open zijn.”

Populair in dit thema: 

Abonneer je op onze nieuwsbrief en volg Stadslab2050 op de voet
Abonneer je nu!