Reactie buurtbewoners over klimaatrobuust Sint-Andries

De volgende maanden is het Sint-Andrieskwartier een levend laboratorium voor stadslaboranten. Zij onderzoeken hoe ze de wijk klimaatrobuust kunnen maken. Maar dat doen ze niet alleen. Zowel trekkers, doeners als partners van Stadslab2050 zoeken mee naar mogelijke oplossingen. En het liefst in samenwerking met de buurtbewoners. Wat vinden zij eigenlijk van dit Europees project?

“Er is de laatste maanden al het een en ander veranderd rondom de Sint-Andriesplaats”, vertelt Steven Bulte, zaakvoerder van café Het Missverstand. “Er was de heraanleg van het plein en de aanvraag bij de stad om er een woonerf van te maken (zone 20km/uur). De nabijgelegen Nationalestraat is tot twee keer toe heraangelegd. Die mocht van mij gerust autovrij zijn op bepaalde uren van de dag. Er zijn genoeg uitwegen via Sint-Andries. De aanleg van de moestuinen vond ik een goed initiatief. Het zijn stappen die de wijk beter maken. Of er genoeg groen is? Ja, maar er mag zeker geen groen verdwijnen. Het is geweten dat het in de stad altijd een paar graden warmer is. De bomen zorgen voor de nodige verkoeling. Het klimaatrobuust maken van de wijk vind ik een super goed project. Het ligt in de geest van de wijk. Sint-Andries is een aparte wijk. Iedereen kent hier iedereen. Dat is toch speciaal aangezien we middenin de stad liggen. En de mensen zijn er wel mee bezig. Ik zie mezelf ook wel een rol opnemen. Ik zou bijvoorbeeld iets willen doen aan het zwerfvuil. Dat zie je nog te vaak, ook al passeren de Witte Tornado’s elke dag. Mensen moeten zich hierover meer bewust worden.”

“Dat er plannen zijn om deze wijk klimaatrobuust te maken? Daarvan zijn we niet op de hoogte”, klinkt het bij Soukaina en Joanna in koor. “Het is een mooi project, maar ik ben daar niet zo mee bezig. Het was wel leuk om te zien dat de parking aan Jeugdhuis Habbekrats moestuinen kreeg. Ze zouden dat meer moeten doen met leegstaande plaatsen”, aldus Souhania. “Voor mij mag er ook meer groen komen”, knikt Joanna. “Mensen zouden meer moeten letten op het milieu. Er ligt hier altijd vanalles op de grond. Of we ons willen engageren om hieraan iets te doen? Mochten we meer tijd hebben, dan zeker. Maar als je hier altijd al hebt gewoond, dan weet je niet beter.”

“Ik heb al iets over het project gelezen”, zegt Jan Dolhain. “Volgens mij is het goed voor de buurt en voor de kinderen. Ze mogen er dus gerust iets aan doen. Zoals? De wijk mag properder worden. En op het plein staat wel redelijk wat groen, maar in de straten niet. Dat vind ik jammer. Er moet ook genoeg plaats zijn voor de kinderen om te spelen. Je ziet het effect onmiddellijk. Kijk maar naar de Autoloze zondag. De CO2-uitstoot nam een enorme duik. Ik vind het dus een goed initiatief. Al moet ik toegeven dat ik hier weinig last heb van de uitlaatgassen. Als ze mij vragen, wil ik gerust mijn gedacht eens zeggen. Maar dan moet er ook iets mee gebeuren. Veel zeggen en weinig doen, daar ben ik geen voorstander van.”

“Ik ben heel sceptisch”, fronst Maria Wyns. “Ik zou toch eens willen weten wat de criteria juist zijn om een wijk als klimaatrobuust te bestempelen. Antwerpen vind ik helemaal geen voorbeeld. De auto is hier koning. Ze rijden zelfs tot in de stad. Ze hebben hier aan het plein zelfs paaltjes moeten zetten in de aanpalende straten. Mensen parkeerden hun auto zo dicht tegen de gevels van de huizen, dat je amper buiten kon. Iedereen zou ten volle van de wijk als woonerf moeten kunnen genieten. De stad moet bewuster worden en duidelijke keuzes maken. Als ze mij uitnodigen om mee te denken? Ik wil niet zeggen wat er moet gebeuren om er dan op afgerekend te worden. Overleg is wel mogelijk. Maar er zijn al een aantal organisaties hiermee bezig. Ik zou wel eens willen weten wat de bedoeling is. Ik hoop dat het gaat om fundamentele acties en niet gewoon een fonteintje plaatsen.”

Een van de organisaties die betrokken is bij het project, is Jeugdhuis Habbekrats. “We vinden het een goed project”, vertelt Dries Boeye. “De jongeren van vandaag zijn de volwassenen van 2050 die de klimaatproblemen veel sterker zullen ervaren. Wij zien Sint-Andries als een modelwijk. Er is een goede mix van leeftijd, afkomst en sociaal-economische profielen. En die mix werkt. Sint-Andries is een warme buurt waar veel gebeurt. Ook rond het klimaat, zoals de aanleg van de moestuinen, nieuwe bomen en grasperken. We ervaren dat als positief. Wat er beter kan? Langs de ene kant is er meer aandacht nodig voor gezonde voeding. We geven kooklessen aan jongeren én er loopt een HORECA-brugproject voor jongeren uit het deeltijds onderwijs. Zij werken ook in de moestuin, waardoor ze ook in contact komen met groen. We proberen hen zo dichterbij de natuur te brengen, wat niet eenvoudig is in een stad. We willen hierop voortbouwen met de jongeren. Nu al komen er heel wat jongeren te voet, met de fiets of het openbaar vervoer. Ze zijn een voorbeeld. Er mag meer groen komen en de openbare weg nog omvormen tot woonerf lijkt mij ideaal. Al is het moelijk om de auto helemaal te weren. Ik kijk ernaar uit om interessante mensen hierover samen te laten nadenken met onze jongeren.”

Nieke Vinck is zorgcoördinator van Musica en woont zelf in de Sint-Andrieswijk. “Het project leunt aan tegen de dingen die de laatste jaren hier al in de lift zitten. De buurtwerking zet ook in op acties tegen de klimaatverandering. Ik vind het dus heel tof en waardeer het erg. Zelf zie ik mij geen actieve rol in het project opnemen. Ik onthaal het wel positief en juich het ten volste toe. Ik voel er gewoon niet zo veel voor om in een vereniging te zitten. Ik verbind liever verschillende mensen. Al wil dat niet zeggen dat ik in de toekomst toch een rol ga opnemen. De werkpunten van de buurt? Het sluikstort. In de buurt zitten veel studenten op kot. Zij gaan in het weekend naar huis en zetten wel eens hun vuilzakken te vroeg buiten, want de vuilophaling gebeurt op maandag. Er staan ook vaak auto’s fout geparkeerd. Maar het is niet zo dat ik daar van wakker lig. Ik zie de buurt wel gunstig evolueren. Ik zou het rustig de tijd geven om op die manier door te groeien. Te veel veranderingen op korte tijd lijkt mij niet goed.”

Populair in dit thema: 

Abonneer je op onze nieuwsbrief en volg Stadslab2050 op de voet
Abonneer je nu!