Wat wil Airbezen bereiken?

Er is momenteel een groot tekort aan meetdata rond luchtkwaliteit. Het idee achter ‘AIRbezen’ is om via biomonitoring met aardbeienplanten het tekort aan gegevens over de luchtkwaliteit in Antwerpen aan te vullen.

De plantjes helpen om plekken met goede en slechte luchtkwaliteit te onderscheiden. De verzamelde data worden door de Universiteit Antwerpen geanalyseerd en gebruikt om de stedelijke luchtkwaliteit scherper in beeld te brengen en het stedelijke ruimtebeleid mee te sturen. Uniek in dit project is de betrokkenheid van vele burgers. De aardbeienplantjes worden immers verdeeld over bewoners, verenigingen en scholen die de plantjes moeten verzorgen. Het onderzoek gebeurt door de Universiteit Antwerpen. Via deze zogenaamde citizen science werken wetenschap en burgers samen om te komen tot actuele meetresultaten rond verkeersgerelateerde luchtkwaliteit. Door de rechtstreekse betrokkenheid van zo veel stadsbewoners speelt het project ook een grote rol bij de sensibilisering rond luchtkwaliteit.

Bij de eerste campagne in het voorjaar van 2014 werden aardbeiplantjes verspreid onder bewoners over de hele stad. Inmiddels werden honderden aarbeidenblaadjes geanalyseerd. De resultaten zijn in kaart gebracht. Die kaart toont aan dat het verkeersgerelateerde fijn stof over het volledige grondgebied van de stad Antwerpen terug te vinden is. Wie binnen de Ring woont, is niet altijd meer blootgesteld aan verkeersvervuiling dan wie in de districten woont. Na het succesverhaal van 2014, gaan de stad Antwerpen en de Universiteit Antwerpen opnieuw aan de slag met AIRbezen in 2015. Het vervolgtraject richt zich nu op vijf basisscholen en vijf secundaire scholen. Jongeren worden zo op een laagdrempelige manier met wetenschap in contact gebracht en komen meer te weten over luchtvervuiling. Elke school zal na de metingen een advies op maat krijgen. Daarin zullen concrete aanbevelingen staan om de blootstelling aan fijn stof te vermijden.